Top-doc in een jungle-kinderdorp


Al ruim zeven jaar wonen we in het mooie en bijzondere Indonesie, en van de avonturen die we hier meemaken kunnen we wel een boek vol schrijven. Of in elk geval zo af en toe er een blog mee vullen. De cultuurverschillen zijn (en blijven) zo intens groot, dat we na al die jaren nog steeds regelmatig met onze Hollandse blauwe ogen staan te knipperen om wat er gebeurd (en misschien nog wel vaker om wat er juist NIET gebeurd).

Zo hebben we bij onze terugkomst vanuit Nederland, eerst wat extra dagen in Kuching moeten verblijven, voordat we onze verblijfspapieren helemaal op de juiste manier konden aanvragen en ontvangen. Toen we daarmee ‘eindelijk’ bij de grens van Indonesie stonden, kregen we na zo’n twee uur praten, wachten, bellen en nog meer praten ‘eindelijk’ toestemming om het land in te gaan. De mannen bij de grens waren het niet eens met de procedure die de mannen van het immigratiekantoor ons hadden uitgelegd. En in plaats van dat die mannen dat dan even met elkaar gaan overleggen en er dan met een duidelijk stappenplan uitkomen, laten ze ons liever wachten (wellicht in de hoop dat we er nog wat extra geld voor over hebben), voor we de grens over mogen.

Maar ook het wonen in een kinderdorp, maakt dat we iedere dag weer bijzondere dingen meemaken. Zo hebben we sinds we 2 maanden geleden teruggekomen zijn, onze Living Waters Village-dokter soms wel meerdere keren per week bezocht:

Het begon op de eerste zondag dat we terug waren. Tijdens het middagslaapje stond een van onze 9-jarige jongens opeens met bebloed hoofd in de deuropening. Hij was uit zijn stapelbed gevallen. Dokter Sukarmi (de dokter van het dorp dus) werd opgetrommeld en mocht zijn hersens kraken over het hechten van het bijzondere gat. Heel wat hechtingen- er in en weer er uit en op een andere manier weer erin-later, konden we weer naar huis, waar we stukje bij beetje het echte verhaal te horen kregen. Onze twee jongste jongens hadden ruzie gemaakt terwijl ze op het bovenste bed van hun stapelbed zaten. De een duwde de ander eraf, welke zo raar naar beneden duikelde, dat hij een enorm gat in zijn hoofd viel.
Daarna bleken de wondjes aan Judah’s benen, die hij regelmatig oploopt van al het rennen en klimmen wat hij de hele dag door doet, te ontsteken. Dan maar even dokter Sukarmi opzoeken. Wondjes behandelen van een 16 maanden oude, actieve peuter is ook niet de makkelijkste klus, zeg maar. Gelukkig hielpen de zalfjes snel en genezen de wondjes nu goed.
Eylin wilde natuurlijk niet achterblijven en viel tijdens het spelen in het speeltuintje naast het huis, uit het klimrek. Ze had een wondje aan haar pols waar ze flink last van had, maar wat naar ons idee wel over zou gaan. Tot ze die nacht elk uur huilend wakker werd van de pijn aan haar pols, waardoor we de volgende ochtend onze geliefde dokter maar weer opzochten. Gebroken was het gelukkig niet, maar ze mocht wel een dagje haar arm in het verband. Zo trots als ze daarmee door het dorp liep, heb ik haar zelden gezien. ‘Ik ben niet malu hoor, mama’, zei ze, om aan te geven dat ze helemaal niet verlegen werd van alle aandacht die ze door haar spierwitte armpje kreeg. ‘Nee schat, ik weet dat jij niet zo veel moeite hebt met aandacht’.
En net toen ik dacht dat dokter Sukarmi ons wel even genoeg had gezien, kwam Andre (van 10) vanmorgen wat schoorvoetend naar ons toe. Hij had de avond ervoor zijn oren willen schoonmaken met een wattenstaafje, maar het watje was in zijn oor blijven steken. ‘Goedemorgen dokter Sukarmi, daar zijn we weer’. Na heel wat gepeuter en allerlei creatieve pogingen om dat, veel te diep zittende watje, weer uit zijn oor te krijgen, is Andre op dit moment zonder succes maar even naar school gestuurd. Vanmiddag weer verder proberen…

Ik heb geen idee hoe het er tegenwoordig in Nederland in een gezin met opgroeiende kinderen aan toe gaat. Maar vertel me alsjeblieft dat jullie bij dit verhaal niet met je ogen staan te knipperen, maar dat al dit soort ‘ongelukjes’ er gewoon een beetje bij horen. Dat is althans wat ik mijzelf nog steeds graag voor houd.

‘Beste dokter Sukarmi, We zijn verwend met zo’n lieve dokter zo dicht bij huis. We zouden je graag beloven dat we je niet meer wekelijks bezoeken, maar helaas denken onze kinderen daar anders over. De kerstvakantie staat voor de deur. Vanaf morgen zijn onze aapies ruim 3 weken vrij. We zullen ons best doen om ze in de gaten te houden, maar als we morgenochtend weer op de stoep staan… zou je ons dan, net als alle vorige keren, met je glimlach, humor en liefde voor de kids een handje willen helpen?

Bedankt lieve dokter Sukarmi, je bent een top-doc!’

 

Leave a comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.